Een goed gesprek

Zo goed als iedereen praat met vele anderen, dagelijks. Ouders met kinderen, collega’s met elkaar, geliefden met elkaar, vrienden met elkaar. Praten is het uitwisselen van informatie met twee of meerdere mensen via spreken en luisteren. Een gesprek bestaat uit een verteller en een luisteraar. De verteller reikt iets aan, wil iets laten zien, de actieve kant van communicatie. De luisteraar is in principe vooral stil. De luisteraar kan de verteller verder helpen door vragen te stellen, een goede reden om iets te zeggen, het doorvragen.

Waar ik het nu over wil hebben is het gesprek waarbij je persoonlijke dingen met elkaar deelt. Er zijn gesprekken over het weer, over hoelaat iemand thuis zal zijn, hoe de dag op het werk was. Of het gesprek aan een balie van een instantie waar je informatie wilt verkrijgen. Dat is niet het gesprek waar ik het nu over wil hebben.

De spreker heeft volgens een verantwoordelijk die hij of zij kan oppakken. Komt datgene wat ik wil vertellen en wordt het ook zo ontvangen. Waarom lijkt dat belangrijk? Omdat iedereen de ervaring heeft dat datgene wat je bedoelt niet lijkt te worden ontvangen!

Het luisterend oor, als hij of zij werkelijk interesse heeft, mag interesse tonen, de diepte in willen, contact hebben, de spreker even snappen. Eigenlijk ook een actieve kant van communicatie, de “aarding” van het gesprek.

De spreker is namelijk wel actief in spreken, maar is zeker kwetsbaar. Afkeuring door de luisteraar is funest voor het verdergaan van een goed gesprek.

Beide rollen zijn niet verplicht als er van een een gelijke verhouding sprake is. Beide rollen zijn beide essentieel.